GOUDEN SIERADEN

Zuiver goud is een dicht maar zacht metaal. Voor het gebruikt kan worden, moet het gezuiverd worden en voor de meeste doeleinden wordt het gemengd met andere materialen om het harder te maken. De zuiverheid van goud voor sieraden wordt gemeten in karaat. Veel voorkomende zuiverheidsgraden in Nederland zijn 14 karaat (58,5 % goud), 18 karaat (75 %) en 22 karaat (91,6 %). Als je weet hoeveel karaat goud in een sieraad zit, weet je dus ook hoe zuiver het goud is. Als het goud 24 karaats is, is het helemaal zuiver. Helemaal zuiver goud wordt nooit bij sieraden gebruikt. Het zou veel te snel verbuigen, krassen en slijten, omdat het erg zacht is. Ter verharding wordt goud dan ook vermengd met bijmaterialen zoals zilver en koper; zo ontstaan de zogenaamde goudlegeringen.

Het Waarborginstituut

Het waarborginstituut controleren de sieraden die in Nederland verkocht worden en voorzien deze van een keurmerk.

Er wordt gekeken of het goudgehalte wel goud is en of er wel precies de opgegeven hoeveelheid goud in zit. Als dat allemaal goed is, dan zetten ze er het keurmerk in (bijvoorbeeld 14 karaats), een merkteken van het kantoor waar de keuring is uitgevoerd en het jaartal waarin hij is gekeurd.

De hoeveelheid puur goud die aanwezig is in een sieraad wordt met het keurmerk uitgedrukt in duizendste. Zo heeft puur goud, beter bekend als 24 karaats goud, een waarde van 1000 duizendste. 18 karaats goud dat voor 0,75 deel uit puur goud bestaat, heeft daardoor een waarde van 750 duizendste. De ‘rest’ is dan meestal zilver of koper. Aan de verschillende bijmetalen ontleent goud haar kleurnuances. Roodgoud ontstaat door de toevoeging van koper en witgoud door aan de legering koper of palladium toe te voegen.

Op grond van de Waarborgwet kennen we in Nederland vier geaccepteerde goudlegeringen met de daarbij behorende keurmerken:

14 karaat (585/1000)
18 karaat (750/1000)
20 karaat (833/1000)
22 karaat (916/1000)

Voor meer informatie over het waarborginstituut zie: www.waarborg.nl 

Marbeau

M'amour